Klant aan het woord: al ruim dertig jaar lelies in Limburg
22 apr. 2025Well ligt in het noorden van Limburg, een gebied met een enorme diversiteit aan teelten: van prei, sla, asperges en aardbeien tot akkerbouw, vaste planten en dus ook lelies. Pascal Haumann is sinds 1994 lelieteler. In de kantine van zijn bedrijf gaan we in gesprek over de ontwikkelingen van het bedrijf en de regio. Even later schuift ook teeltadviseur Henk Ritter aan.
“Na mijn middelbare school, ik was 21 jaar, ben ik direct begonnen in het bedrijf”, zo begint een goedlachse Pascal. “In datzelfde jaar zijn we ingestapt in de contractteelt van lelies. We teelden al vaste planten en daarvoor hadden we ook dahlia’s in ons bouwplan, dus de bloementeelt was ons niet onbekend. Henk Ritter vult aan: “In deze regio was de teelt van hyacint lang populair. Er waren denk ik wel 80 telers die tot wel 800 ha teelden. Dat is vrijwel volledig verdwenen.”
Telen in een ‘buitengebied’
In 1994 start het bedrijf met 2 ha lelies op basis van verzorgingscontracten. Dat wordt door de jaren heen uitgebreid naar ongeveer 20 ha. Pascal daarover: “De humusrijke grond is geschikt voor de lelieteelt. Maar door de samenstelling van de grond rooien we lang niet zo schoon als in de bollenstreek.” Lachend: “Ik kan me een opmerking herinneren van iemand uit Noord-Holland die gekscherend zei: ‘kunnen lelies ook wortels hebben?’ In de begintijd gingen de bollen met al die grond op transport. Ik zag vrachtwagens soms bijna letterlijk door hun assen gaan. Op zeker moment zijn we hier zelf gaan spoelen. Dat scheelde natuurlijk enorm.” In 2003 besluit Haumann om te starten met eigen teelt en verwerking. Er wordt geïnvesteerd in huisvesting, koeling en verwerking. Pascal daarover: “Ik had inmiddels veel geleerd over de lelieteelt. Maar op eigen risico telen is toch wel anders. Je zit hier min of meer in een buitengebied. Je moet op zoek naar de cultivars die het beste passen bij je bedrijf. In het begin heb je de neiging om te kiezen voor de goedkopere soorten. Maar dat levert meestal ook minder op. Mijn strategie werd daarom al snel: meegaan met de vraag, dus kiezen voor de gevestigde namen. Ik overleg daarover ook met onze afnemers. In mijn geval met Jan de Wit & Zn uit Bovenkarspel. Welke kleuren doen het goed en wat is in de mode? En dat moet natuurlijk matchen met de groeiomstandigheden hier.”
Kennis en logistiek komen samen
Henk Ritter zit al 35 jaar als adviseur in het vak in het Limburgse. “Ik heb de lelieteelt hier zien ontwikkelen. Dat begon met de start van de contractteelt. Zo kwamen de Noord-Hollanders hier naartoe, ook de adviseurs. Vooral Jan Willem van der Meer kwam hier vaak. Ik werkte voor Mertens (tegenwoordig de Mertens Groep, red.) en van lieverlee zijn we gaan samenwerken. Zo werd de logistiek van Mertens gecombineerd met de kennis van Van der Meer, (tegenwoordig Agrifirm-GMN).” Henk vervolgt: “De teelt hier verschilt met die in het bollengebied. Het is gemiddeld zomaar 3 graden warmer en we hebben minder wind wat voordelen heeft (minder snel drift) maar ook nadelen (een langere bladnatperiode). Maar lelies doen het hier echt goed. In tegenstelling tot bijvoorbeeld tulpen. Die teelt is hier in het verleden volledig mislukt. Het stro op de bedden bijvoorbeeld, had een ongewenst effect. In het voorjaar kregen we hierdoor meer vorstschade omdat de bodem de warmte niet kwijt kon. Dat was totaal niet voorzien. Zo zie je dat je in een nieuwe omgeving, feitelijk opnieuw moet leren telen op basis van de lokale omstandigheden. En dat kost tijd en soms ook geld.”
Roselily
Pascal Haumann heeft door de jaren de lelieteelt steeds beter leren kennen. Door goed samen te werken heeft hij zijn bedrijf weten te ontwikkelen van 2 ha contractteelt tot 30 ha lelies in eigen beheer. Recent is daar een nieuw hoofdstuk aan toegevoegd nu zijn bedrijf is aangesloten bij een vof van in totaal 15 telers die samenwerken binnen de Roselily teelt dubbele oriëntals). “Net als vaker in het verleden, is deze aansluiting tot stand gekomen via de Coöperatieve Nederlandse Bloembollencentrale (CNB)” vertelt Pascal. “Die ruimte ontstond omdat een van de deelnemende bedrijven (W.W. van Haaster en Zn.) op zoek was naar een partner voor de teelt van leverbare bollen. Zo zijn we er ingerold. We telen nu 3 ha Roselily en hopen de komende jaren naar 10 ha te groeien. Ik zie het als een belangrijke volgende stap in de ontwikkeling van ons bedrijf.”
Lelieteelt en omgeving
Pascal over samenwerken met de omgeving: “Ook hier hebben we te maken met een groeiende weerstand. Ik ben van mening dat er voor een gezonde toekomst van de lelieteelt veranderingen nodig zijn. Tegelijk ga ik ook zeker de dialoog met mijn omgeving niet uit de weg. Zo heb ik vorig jaar meegewerkt aan een krantenartikel. Er wordt nu soms wel heel makkelijk naar ons gewezen, bijvoorbeeld als er ergens schadelijke stoffen worden gemeten. Vaak blijken dat stoffen te zijn die niet eens in de teelt worden ingezet. Natuurlijk veranderen mensen in een gesprek niet direct hun mening. Maar door het contact te zoeken ga je elkaar wel beter begrijpen. Dat geldt voor mij, maar ook voor de omwonenden.”
Dit artikel komt uit de Bol & Teelt jaargang 4, uitgave 1 in 2025.